Warmoesstraat 112-116, Beursstraat 49-51
Klik op een foto voor een grote afbeelding en meer info.

Naam: Bible Hotel
Adres: Warmoesstraat 112-116, Beursstraat 49-51
Architect: -, Jan Hendrik van Sluijters, G.A.van Arkel
Bouwjaar: 1647, 1883, 1891
Opdracht: Jan Meures, W.P.Werker, Caspar Johann Heinrich Warndorff

Arent Meurs (1569/70-na 1647), een voormalige schoenmaker, was voor 1618 in de Warmoesstraat 6 begonnen als drooggasterijhouder waar hij in zijn etablissement veel Duitse gasten had. Daarnaast genoot hij ook inkomsten als linnenkoopman. In 1644 woonde Arent op de Koningsgracht (Singel) om ten slotte als rentenier naar Maarssen en zijn hofstede Ottrenberch (1647) te verhuizen.
Arent was als waard opgevolgd door zijn zoon Jan Meurs (Meures) (1604-1672), kruidenier in de Warmoesstraat bij de Oudebrugsteeg, in 1625 getrouwd met Judith Weijntjes (-1676) uit Kampen. Jan zou de naam ‘Liesveldse Bijbel’ hebben bedacht. De naam is een verwijzing naar de Antwerpse boekdrukker Jacob van Liesvelt waar de eerste Nederlandstalige bijbel in 1526 werd uitgegeven.
Het Nieuwe Testament van de Liesveltbijbel is een vertaling van Luthers Nieuwe Testament. Voor het Oude Testament werd in de eerste druk gebruikgemaakt van de gedeelten van Luthers Oude Testament die al klaar waren. Van deze bijbel verschenen zes drukken. Het Oude Testament werd steeds aangepast aan de gedeelten die van Luther waren verschenen. In 1532 was dit proces min of meer afgerond. Daarna bracht Liesvelt bijna geen wijzigingen meer aan in zijn edities. De laatste, zesde druk verscheen in 1542. Omdat Van Liesvelt steeds meer reformatorische aantekeningen in zijn bijbel plaatste, werd hij in 1545 gearresteerd, ter dood veroordeeld en onthoofd.

Jan Meurs was actief in het culturele leven van Amsterdam. Zo was hij in de jaren 1648 en 1649 regent van de Schouwburg en schreef hij gedichten. In 1653 getuigde hij met de kunstschilder Bartholomeus van der Helst bij de taxatie van een schilderij. Voorts had hij zijn portret laten schilderen door Van der Helst en Jan Lievens. Schilderingen die hij aan zijn echtgenote Judith en als zij eerder overlijdt aan zijn neef Jan Willinck, zoon van zijn zuster, legateerde. Op 19 januari 1666 dienden Meures en Weijntjes bij de Hoge Raad van Holland een verklaring in waarin stond dat de konstrijck schilder Gerard Pietersz. van Zijl hen bij testament van 19 december 1665 tot enig legataris van zijn nalatenschap had benoemd. Hij was inmiddels overleden en ze vragen om een dagvaarding om zijn bezittingen te inventariseren. Het verzoek wordt ingewilligd.

In 1661 verhuisde Jan Meurs naar zijn nieuwe huis Warmoesstraat 114A en nam zijn uithangbord mee. Daar begon hij een nieuwe Liesveldse Bijbel, die zou uitgroeien tot één van de voornaamste logementen van de stad. In de zomer van 1669 logeerde hier bijvoorbeeld de Duitse arts Becher en ook Hans Willem Bentinck (1647-1709), favoriet van de latere koning-stadhouder, behoorde tot de gasten.
In 1671 liet Jan Meurs zijn testament opmaken. Na zijn dood, in 1672, volgde zijn weduwe Judith Weijntjes hem op. Zij overlijdt in 1678. Uit haar sterfhuisinventaris blijkt de indeling van de herberg, waarvan de logeervertrekken waren aangeduid met kleuren: de rode, groene, gele, witte, blauwe en paarse kamer. Daarnaast was er een eetzaal, hoge achterkamer, kleine en grote voorkamer, voorhuis, hangkamertje en nog een kleinere zaal. In een opkamertje stond een kleine bibliotheek met de nieuwe Bijbelvertaling, de handvesten en een stadsbeschrijving van Amsterdam, een boek over doopsgezinde martelaars en de werken van P.C.Hooft. Het logement wordt verkocht voor 28.000 gulden.
Aan het eind van de 17de eeuw zijn er inmiddels de Eerste -, de Tweede of Middelste of Oude - en de Derde of Laatste Liesveldsche Bijbel: alle drie bestonden nog in 1795. De Oude Liesveldsche Bijbel was van Jan Meurs. Omstreeks 1900 is er nog slechts één over. De grote opgeslagen Bijbel pronkt nog boven de deur, het rechterblad in letterdruk, het linker met zes houtsnedeprenten. Het onderschrift luidt Bible-Hotel. Het logement wordt dan ook voornamelijk door Engelse en Amerikaanse reizigers bezocht. Een ander bekend logement van die naam stond tot 1820 op het Rokin en werd toen herbouwd tot Leesmuseum.
In 1706 vindt een executoriale verkoop plaats en wordt Jan van der Heide de Jonge voor fl. 30.000,- eigenaar. In 1709 wordt Abraham Roeters eigenaar. Met de komst van Aarnoud Metz in 1725 keert de rust terug. Het logement blijft de komende 100 jaar in de familie die ook de herbergen Keizerskroon en Blauw-Jan uitbaat. De Liesveldsche Bijbel wordt aan de Damrakzijde uitgebreid met aangekochte en aangeplempte stroken aan het Damrak.

In 1823 gaat het logement over in Schotse handen met de komst van Cattermole. Met de komst van Hermanus Hardenberg (1800-1866) in 1848 is het hotel weer in Nederlandse handen. De uitstraling blijft Engels, want Hardenberg ziet bij het opkomend toerisme de mogelijkheden Engelse en Amerikaanse gasten aan te trekken. De naam Bible Hotel wordt uitgebreid met ‘The old Bible, English and American hotel’. Na zijn dood werd hij opgevolgd door zijn zoon Wilhelmus H.F.Hardenberg.
De demping van het Damrak tussen de Beurs van Zocher en de Papenbrugsteeg vindt in 1875 plaats. Twee jaar voordien was het hotel al uitgebreid met een smal pand van Warmoesstraat naar Damrak. Beide gevels worden gewijzigd zodat aan Damrak en Warmoesstraat riante gevels verschijnen. In de Warmoesstraat koopt Hardenberg junior twee buurpanden, het Kasteel van Gent en de Blauwe Hen. Zij zullen later bij het hotel worden gevoegd. In 1879 overlijdt Hardenberg jr. en wordt het hotel voor ca. fl. 250.000,- verkocht aan W.P.Werker, eerder eigenaar van hotel-café Neuf aan de Kalverstraat.

Ter gelegenheid van de demping van het Damrak besluit hij de hoofdingang van de Warmoesstraat naar de Beursstraat te verplaatsen. Hiervoor worden nog eens vijf naastliggende panden aangekocht, onder andere De Oude Roos van pianohandelaar Goldschmeding. Als de verbouwing onder leiding van architect Jan Hendrik van Sluijters gereed is heeft het hotel ruimte voor 140 gasten in ruim 100 kamers. In 1884 wordt de onderneming ondergebracht in de Maatschappij tot Exploitatie van het Bible Hotel met Werker als eerste directeur. In 1890 wordt Caspar Johann Heinrich Warndorff (-1911) directeur. In de Warmoesstraat en Beursstraat worden nog enkele panden gekocht en architect Van Arkel voert de verbouwing door. In 1902 is het hotel uitgebreid tot 140 kamers, waarvan enkele met badkamer. De verwachte stroom bezoekers komt niet en de verbouwingskosten drukken zwaar op de resultaten.
In 1909 doet het bestuur van de Effectenbeurs een bod van fl. 850.000,-. In de zomer 1910 wordt de koop gesloten en in juni 1911 wordt de exploitatiemaatschappij opgeheven. Met de verkoop van de inventaris en de koopsom konden alle schulden afgelost worden.

Het hotel voerde een uithangbord met een opengeslagen bijbel. Wie goed keek kon zelfs het citaat zien waar de bijbel openlag. Het was een brief van Paulus aan Timotheus I, 5:23. De tekst luidt: ‘Drink no longer water, but take a little wine.’ Een advies dat door Multatuli in de wind werd geslagen met alle gevolgen van dien zoals we verderop kunnen lezen.

Beroemde en beruchte gasten
Jantje Cornelia Struik alias De Miljoenenjuffrouw
Een andere hotelgast was Eduard Douwes Dekker alias Multatuli in 1864. Door zijn continue processen tegen Jacob van Lennep over het uitgeven van zijn roman ‘Max Havelaar’ had Multatuli te weinig geld om zijn rekeningen te betalen. Om zijn kosten wat te drukken dronk hij geen wijn bij het eten wat weer tegen het zere been van de hoteldirectie was. Het eindresultaat was het verzoek per direct naar een ander onderkomen te vertrekken. Multatuli deed zijn beklag bij zijn vriend D’Ablaing van boekhandel en uitgeverij Meijer in de Kalverstraat 246. Deze gaf voor gezamenlijke rekening Multatuli’s ‘Ideeën’ uit. D’Ablaing wilde maar al te graag helpen, maar zag geen kans Multatul aan een slaapgelegenheid te helpen. Wel had hij een zolder in zijn pand, die echter ‘om niet’ verhuurd was aan vereniging ‘Dageraad’, een soort sociëteit voor zeer eenvoudige lieden. Zij scheidden een deel van de zolder af en richtten dat in als woonruimte. Als dank hield Multatuli regelmatig een lezing voor dit gezelschap.

Meer lezen:
Arkel, van, Gerrit A.
Drooggasterijhouder
Sluijters, van, Jan Hendrik

Voor het laatst bewerkt:

Bronnen:
wikipedia.nl
De Amsterdamse herberg (1450-1800), UvA, M.Hell
Van Liesveldsche Bijbel tot Beursplein 5 (Theo Bakker)